WGT

Uitwerking Aanleg / Werkgeschiktheid test (WGT) 

Deze uitwerking behoeft nog aanpassing naar aanleiding van het op 10-06-2018 aangenomen fokbeleid.

Uitwerking (WGT) werkgeschiktheid/Aanleg test, De test is op verzoek van de fokkers in 2011 t/m 2013 gemaakt als aanlegtest voor honden vanaf 9 tot 24 mnd. Dus met het beoordelen van de test zal zeker de leeftijd van de hond bekeken moeten worden. De reden was voor de fokkers dat bij het fokken er een voorsta kwalificatie zou moeten zijn omdat de DSL een voorstaande hond is. Het beste komen uit de test de jonge honden nog niet zo gedresseerd.

Te beoordelen onderdelen:

  1. Apport te land met konijn
  2. Apport uit water met eend
  3. Zoekwijze en voorstaan op levend wild
  4. Schottest op afstand
  5. Dresseerbaarheid
  6. Karakter en gedrag

Het konijn wordt opgeworpen op een afstand van ± 25 meter. De voorjager wacht met zijn hond, los of aangelijnd, op het teken van de keurmeester om zijn/haar hond het konijn te laten apporteren. Dit zonder schot.

De proef is voldoende afgelegd als de hond het konijn opneemt en eventueel met  aanmoedigingen dicht bij de voorjager brengt, steadyness is geen vereiste voor honden jonger dan 2 jaar. Wel een soepele keuring.

De proef is onvoldoende afgelegd door de hond als deze het konijn weigert aan te nemen of het konijn aansnijdt, begraaft, verstopt of beschadigt.

Terug naar lijst

De eend wordt in het water geworpen, op die manier dat de hond zeker moet zwemmen om de eend te apporteren. De voorjager staat aan de waterkant, de hond los of aangelijnd, wacht op het teken van de keurmeester om zijn/haar hond in te zetten en de eend te laten apporteren. Dit zonder schot.

De proef is voldoende afgelegd als de hond de eend zelfstandig opneemt en bij de voorjager op de kant brengt. Ook hier is bij honden jonger dan 2 jaar geen steadyness vereist wel een soepele keuring.

De proef is onvoldoende afgelegd door de hond als: Deze weigert te water te gaan/ weigert de eend aan te nemen of de eend aansnijdt of beschadigt.

Terug naar lijst

In een open veld met enige begroeiing en of een aanwezige singel zal worden geprobeerd een of twee jachtvogels voor de hond te krijgen waarvan minimaal een fazant. Dit op een wijze zodat het voor de hond haalbaar is om verwaaiing te krijgen maar niet de mogelijkheid krijgt bij of aan de fazant te komen.

De hond zal los voorgejaagd moeten worden en laten zien dat hij graag wil zoeken en gebruik maakt van de wind.

Is het voor de keurmeester duidelijk dat de hond duidelijk met de wind en geuren bezig is,( de neus gebruikt ) en uiteindelijk tekent door middel van  aantrekken, “verstrakken” ‘staan’,  mag men stellen dat hier een vold‘staan’ aan voor gegeven wordt.

Of de proef voldoende of onvoldoende is afgelegd, is aan de keurmeester ter beoordeling

Terug naar lijst

Hier zal de hond vrij rond mogen lopen met zijn baas wanneer op een grote afstand het schot wordt gelost. Er zal twee keer geschoten worden om te kijken of de hond schotvast is. Ook moet de hond laten zien dat hij opmerkzaam is wanneer het schot valt.

Honden, die niet schotschuw of overgevoelig voor het schieten zijn hebben deze test met goed gevolg afgelegd.        

Schotschuwheid en of overgevoeligheid voor het schieten kan zich onder meer openbaren door "er angstig vandoor te gaan" of "zich uit angst proberen te verbergen" of ”staart tussen de benen”. Indien de keurmeester twijfelt omtrent de uitslag, is hij bevoegd de test, na ongeveer 30 minuten, opnieuw te laten afleggen.

Terug naar lijst

Hier wordt over de gehele dag gekeken hoe de hond zich gedraagt. Er wordt verwacht dat de hond niet onophoudelijk aan de lijn trekt. De hond mag niet piepen of janken c.q. blaffen  wanneer hij/ zij bij een proef staat ( ingezet wordt ) of moet wachten.

Terug naar lijst

Bij karakter en gedrag zal er gekeken worden hoe de hond zich gedraagt in de groep. Er wordt verwacht dat de hond sociaal gedrag laat zien, verdraagzaam is naar andere honden.

Terug naar lijst