Sinds 1919
Geschiedenis Nederlandse Vereniging "Langhaar"
Na al die jaren, geven we nog steeds uitvoering aan het principe van “raszuiver fokken naar prestatie”.
Wat er aan vooraf ging
- 1878
Op 24 augustus won Feldman, de Duitste staande langhaar van meneer P.M.C. Visser uit Haarlem, de eerste fieldtrial van de jagersvereniging “Nimrod”. Hij versloeg vijf pointers, twee setters en twee Duitse Staande kortharen.
- 1890
Jagersvereniging Nimrod stelt het Nederlandse hondenstamboek in.
- 1897
Oprichting van de Nederlandse – Duitse staande hondenclub. Zij organiseerden regelmatig veldwedstrijden voor continentaal staande honden. Op deze wedstrijden blijkt dat de langharen, die uitstekend voldeden als gebruikshond, te langzaam waren voor met name de Duitse staande kortharen.
- 1919
Harpa von Lokfeld, een geïmporteerde Duitste staande langhaar uit Westfalen, wint een reserve prijs op een wedstrijd van De Nederlandse – Duitste staande hondenclub.
Hierna worden meerdere goede langharen uit Duitsland ingevoerd, waarmee vervolgens gefokt word.
De eerste kennelnaam voor de Duitse staande langhaar ontstaat en honden uit deze kennels winnen prijzen winnen op de wedstrijden. Dankzij de inspanningen van de liefhebbers van het eerste uur, begint de langhaar op overtuigende wijze zijn bruikbaarheid in Nederland te bewijzen.
Oprichting
Nederlandse vereniging "Langhaar"
Op 20 augustus 1919 word de Nederlandse vereniging “Langhaar” opgericht. De eerste bestuursleden en leden zijn behalve jagers, ook enthousiaste voorjagers en fokkers. De huidige populatie langharen is pakweg een vijfentwintigste generatie van deze pioniers.
In 1925 en 1926 winnen de eerste langharen de felbegeerde “Dianaprijs” voor bruikbaarheid en schoonheid.
Trouw blijven aan de uitgangspunten
Opmerkelijk is dat de fokkers – die de basis legden voor den Nederlandse langhaar fokkerij, evenals de fokkers in het land van oorsprong Duitsland – consequent uitvoering geven aan het principe van “de raszuivere fokkerij naar prestatie”.
De Nederlandse vereniging “Langhaar” is dit beginsel altijd trouw gebleven en dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Er moet ieder jaar namelijk voldaan worden aan twee belangrijke voorwaarden;
- Een intensief jaarprogramma om de honden op hun aanleg en bruikbaarheid te testen.
- De raskenmerken niet uit het oog verliezen.
De langhaar is een allround gebruikshond met een grote variatie aan doelgerichte gebruikseisen. Het bevorderen van het juiste gebruik van de langhaar en het bewaken van de ras standaard is een aanhoudende zorg voor de Nederlandse vereniging “Langhaar”.
Jaarprogramma
Het jaar programma van de Nederlandse vereniging “Langhaar” omvat vanaf 1994; vijf voorjaars veldwedstrijden, vier najaars-wedstrijden en drie apporteerwedstrijden, een jachthondenproef, een clubmatch en een fokkersdag waarop nesten beoordeeld worden. Dat zijn 15 evenementen per jaar, een absoluut unieke prestatie onder de rasverenigingen.
Op dit moment zijn de evenementen onder andere verder uitgebreid met een werkgeschiktheidstest, Langhaardag, meervoudige apporteerproeven, instructiedagen en lezingen.
Zonder twijfel is, behalve de aard en aanleg van het ras, deze jaarlijks wederkerende inspanning van de vereniging de reden voor aanhoudende succes van de Duitse verbetering van het ras, maar ook het behoud van de weidelijkheidskampioen, die de goed opgeleide langhaar in het jachtveld is.
De eigenschappen van de allround gebruikshond staan dus nog steeds voorop.
Raskenmerken
De Nederlandse vereniging “Langhaar” kan de raskenmerken niet uit het oog verliezen om trouw te kunnen blijven aan haar eigen uitgangspunt.
Deze wijze les leerden we van Langhaarfokker van A. von Kalckstein. Hij woonde sinds 1873 in Cappeln bij Osnabrück en ontwikkelde met zijn raszuivere fokkerij van bonte langharen (bruin/wit én zwart/wit) het Kalcksteiner-type. Hij toonde proefondervindelijk aan dat de gebruikseigenschappen en raskenmerken hand in hand moeten gaan voor een duurzaam resultaat.
Dit was de bevestiging van ons uitgangspunt én het begin van de in verenigingsverband georganiseerde rashondenfokkerij. In 1879 wordt in Hannover de eerste ras standaard voor de Duitse staande langhaar ontworpen. Dit gebeurd aan de hand van de beste vertegenwoordigers van het ras.
In 1902 worden de raspunten herzien en wordt vastgesteld dat de rasstandaard geen onaantastbaar evangelie is. De rasstandaard dient een middel te zijn tot het doel; allround gebruikshond.
Als mocht blijken dat veranderde jachtmethoden het noodzakelijk maken dat van het vastgelegde type wordt afgeweken, dan zal wijziging van de ras standaard worden doorgevoerd. Ook worden twee, of meer, typen onder het begrip Duitse staande langhaar niet uitgesloten als gebruiksprestaties daartoe aanleiding geven.
Dit lijkt een (te) ruime uitleg van de ras standaard mogelijk te maken, maar dat is niet zo. Ondanks dat er in de praktijk, helaas wel eens te veel afwijkingen plaats vinden. Bij de opbouw van het ras is men van een vijftal omschreven types uitgegaan, waarvan het bovengenoemde Kalcksteiner type er één is.
Elk van deze typen wordt gemotiveerd door een bepaald gebruik en past binnen de ras punten.
In de huidige langhaar populatie zijn, soms in een individueel geval of in en kennel bepaalde types nog herkenbaar. Elk van de onderscheiden types maakt hem meer of minder geschikt voor een bepaald gebruik ter jacht, maar de verschijningsvorm van elk type in elk geval moet voldoen aan de ras punten.